Alle weblogberichten

Speciaal onderwijs Prof. Dr. Gunningschool in beeld

5 februari 2020

In deze serie blogs (.... in beeld) staat de expertisepool van het samenwerkingsverband centraal. Iedere maand stellen we een expert aan jullie voor die ondersteuning kan bieden bij specifieke vragen rondom een leerling bij jullie op school. Deze maand in het vierde blog aan het woord: Barbara de Munnik, directeur van de Gunningschool, speciaal onderwijs cluster 4.

1.       Wie ben je?

Ik ben Barbara de Munnik, directeur van de Gunningschool in Haarlem-Noord. Ik woon in Den Haag en reis dus dagelijks met de trein naar Haarlem. En dan ga ik lekker op mijn vouwfiets door naar de Gunning. Of met de bus, want die stopt hier ook voor de deur. Dat doe ik al veertien jaar en nog steeds met veel plezier.

2.       Waar werk je? (Voor welk expertisegebied?)

De Gunning is een speciaal onderwijs school voor cluster 4. Wij verzorgen onderwijs voor leerlingen met ernstige gedrags- en ontwikkelingsproblemen, al dan niet met een psychiatrische achtergrond. Ons onderwijs kenmerkt zich door kleine groepen, korte activiteiten, meer individuele begeleiding en vooral veel structuur en voorspelbaarheid. Op deze school zitten momenteel 82 leerlingen, verdeeld over zeven groepen. We hebben hier weinig echt jonge kinderen, momenteel alleen een paar vijfjarigen. Dat zijn over het algemeen kleuters die wat verder zijn in hun ontwikkeling. Zij sluiten aan bij de jongste middenbouwgroep. Ik vind het wel jammer dat we geen echte kleutergroep hebben, want dat is juist zo gezond voor een school. Er ontstaat een andere dynamiek, de oudere kinderen helpen de jongere. Aan de andere kant, bij jonge kleuters die de expertise van onze school nodig hebben, is de zelfredzaamheid vaak nog erg laag. Dat vraagt om zorgvoorzieningen die wij nu niet hebben in de school. De Gunningschool gaat straks samen met SBO de Trapeze een IKC (Integraal Kind Centrum red.) vormen. Maar zover zijn we nu nog niet.  

3.       Wat vind je het leukst aan je werk?

Wij hebben hier op de Gunning een súperteam! Dat zorgt voor een cultuur van open deuren, bij elkaar naar binnen kunnen lopen, elkaar echt vertrouwen. Zo’n school als deze staat of valt met het team. Dat merken ouders ook, waardoor de samenwerking met hen over het algemeen goed loopt. En dat is heel belangrijk; zij hebben vaak al een hele zoektocht achter de rug, voordat zij met hun kind bij ons komen. Soms hebben kinderen hiervoor al op verschillende basisscholen gezeten, waar het ondanks de geboden ondersteuning steeds niet lukte. Die kinderen zijn beschadigd, voelen zich afgewezen. En dat geldt vaak ook voor hun ouders. Als ze dan merken dat hun kind bij ons welkom is, met alles wat bij hem of haar hoort, groeit het vertrouwen weer. Dat kost tijd. Wij hebben jammer genoeg last van negatieve beeldvorming. Mensen zijn bang dat kinderen hier negatief voorbeeldgedrag zien, denken: ‘Dan zijn ze nog slechter af’. Onze leerlingen hebben weliswaar een grotere behoefte aan rust, duidelijkheid en structuur. Maar verder zijn ze net als andere kinderen. Het zijn leuke, lieve kinderen die vaak veel humor hebben. Laatst bespraken we in de groepen de achtergrond van de landelijke onderwijsstaking. We legden uit dat het ging om werkplezier en genoeg mensen hebben om een fijne en goede school voor kinderen te kunnen zijn. Toen zei een meisje uit groep 7: ‘Maar het ís hier toch heel leuk? Wij zíjn toch een goede school? Waarom gaan júllie dan staken?!’ Dat vind ik mooi.

4.       Wat vind jij de belangrijkste rol van de Gunningschool binnen het SWV?

Bij ons is de kennis en expertise op het vlak van kinderen met gedragsproblemen al decennialang aanwezig. Wat is die expertise? Daar is niet echt een recept voor. Wij zíjn de school, we doen hier alles samen. Het gaat om zaken als nuchter blijven, twee benen op de grond, kunnen omdenken, nergens van schrikken, elkaar vertrouwen en ervaringen delen. Je vooral niet persoonlijk aantrekken als het niet lukt, maar zakelijk en neutraal blijven. Als er trauma’s spelen bij een kind of er is hechtingsproblematiek, dan ís dat ook heel moeilijk. Wij voelen ons soms óók machteloos. Maar we zien het verschil tussen opzet en onvermogen. Kinderen die bij ons komen van een andere school, kijken hier hun ogen uit. Bij ons zijn ze geen uitzondering. Iedereen gaat wel eens naar de time-out of mag een rondje om de school rennen of even schommelen. Soms drie keer per dag. Dat kan, dat mag, dat is niet erg. We proberen kinderen te leren dat je altijd een keuze hebt in hoe je reageert. Boos zijn mag, maar je hoeft niet te gaan schreeuwen of met spullen te gooien. Het gaat om normale fatsoensregels. Wij bieden duidelijke structuur zonder de zaken zwart-wit te maken. Dat is moeilijk uit te leggen, daar is niet één methode voor, die wordt gemaakt door het hele team, op basis van wat er nodig is. Dat kan per situatie anders zijn. En wij kunnen ook niet alles natuurlijk. Soms zijn de verwachtingen hoog gespannen, maar is de problematiek te groot. Wij zijn een school, geen behandelcentrum. Daar ligt een grens. En dan moet je ouders begeleiden naar een andere plek, die beter past bij de behoeften van hun kind.

5.       Wanneer heb je voor het laatst contact gehad met een reguliere school?

6.       Waar ging dat over?

Vorige week had ik contact met een school in Zandvoort, dat ging over de ontwikkeling van een leerling van de Gunningschool die daar wil instromen. En gisteren nog sprak ik een reguliere basisschool in IJmuiden over een mogelijke plek voor een leerling bij ons in groep 4. Ons advies was om eerst onze orthopedagoog mee te laten kijken in de reguliere situatie. Om te zien wat daar nog mogelijk is. Dat gaat binnenkort gebeuren. Scholen vinden verwijzen soms heel lastig. En het is natuurlijk ook belangrijk om alles op alles te zetten en de situatie goed in kaart te hebben voordat je besluit tot verwijzen. Maar je doet een kind tekort als je te lang doormoddert.

7.       Welke nieuwe ontwikkelingen binnen jouw expertisegebied zijn interessant voor scholen?

Moeilijke vraag. We zijn volop bezig met de IKC vorming met SBO De Trapeze. Dat is een intensief proces, waar we met elkaar wel even genoeg aan hebben. Wat we wel kunnen zeggen is dat de expertise van Speciaal Onderwijs en Speciaal Basisonderwijs straks bij elkaar komt en dus ook uitgewisseld kan worden. Het aanbod wordt op die manier breder.

8.       Wat vind jij succesvol aan Passend Onderwijs in onze regio?

Daar denk ik niet echt over na. Door het specifieke karakter van de school, hebben wij te maken met meer dan één samenwerkingsverband. Bij ons zitten ook kinderen uit de Duin en Bollenstreek, IJmond, Haarlemmermeer. Als het gaat om dít samenwerkingsverband, moet ik zeggen dat ik heel tevreden ben over de deskundigheid die er zit, de bereidheid tot meedenken. Het Onderwijsloket, de gedragsconsulenten, anderen. De lijnen zijn kort. En de manier waarop wordt omgegaan met de TLV’s hier, duidelijke afspraken en zo min mogelijk administratieve rompslomp, dat is erg fijn voor scholen.   

9.       Als je het SWV een advies zou mogen geven, wat zou dat dan zijn?

Ga zo door!

10.   Hoe kunnen we de Gunningschool bereiken?

Direct contact opnemen met de Gunningschool kan het beste via Barbara de Munnik: 06 46227745. Of via een van deze emailadressen: barbara.demunnik@aloysiusstichting.nl  of gunningschool@aloysiusstichting.nl  Op website https://www.gunningschool-so.nl/ is eveneens informatie te vinden over de school.

Barbara de Munnik
Barbara de Munnik