Alle weblogberichten

Passend of inclusief?

29 oktober 2020

Zo'n veertig directeuren van onze scholen gingen op 29 oktober aan de hand van stellingen met elkaar in gesprek over de toekomst van passend onderwijs. In dit blog blikt Maroes Albers, directeur van PO ZK, terug op een soms pittige online discussie over de realiseerbaarheid van de opdracht om toe te werken naar inclusief onderwijs.

 Directienetwerk Inclusie
Gespreksleider Margit Bouma toont de bandbreedte van inclusie.

Natuurlijk willen we dat alle kinderen op een school zitten in hun eigen buurt, zodat ze samen spelen en leren van en met elkaar. En natuurlijk zouden we alle kinderen welkom willen heten op onze school. Maar kunnen we dat ook waarmaken? Wat is reëel, als we kijken naar onze gebouwen, de aanwezige expertise, het beschikbare geld en de maatschappelijke individualiteit? Is inclusie het nieuwe toverwoord of is het een droomscenario dat nooit werkelijkheid zal worden?

Tijdens het Directienetwerk van 29 oktober gingen de directeuren van onze scholen hierover – online - in gesprek. Aanleiding is de Eindevaluatie passend onderwijs die voor de zomervakantie is verschenen en die door het Ministerie van OCW wordt vertaald in een Toekomstagenda passend onderwijs. Deze Toekomstagenda wordt maandag 2 november gepubliceerd en op 16 november besproken in de Tweede Kamer. Wij hebben de conceptversies mogen inzien en kunnen concluderen dat de doorontwikkeling van passend naar inclusief onderwijs hoog op de Toekomstagenda staat. Nieuwe regels voor samenwerkingsverbanden en voor scholen moeten hieraan bijdragen. Ons Ondersteuningsplan moet gaan aansluiten op deze ontwikkeling. De input van ons grote overleg van vandaag nemen wij als samenwerkingsverband natuurlijk mee, dank daarvoor! 

Het thema inclusiviteit is bepaald niet nieuw, zo leerde gespreksleider Margit Bouma ons. Er is zeker beweging in het onderwijs én in ons samenwerkingsverband te zien, als het over dit thema gaat. Margit trapte de bijeenkomst af met haar ‘Ode aan inclusiviteit’. Zij liet haar licht schijnen op het verschil tussen passend en inclusief onderwijs. ,,Bij passend onderwijs is het vooral het kind dat zich – eventueel met ondersteuning – aanpast aan het bestaande systeem; bij inclusief onderwijs wordt het systeem passend gemaakt voor het kind”,  zo luidde het in één van de bijgaande filmpjes. Een hartenkreet die Margit ons meegaf, betrof de broodnodige verbinding tussen inclusief onderwijs en een meer inclusieve maatschappij. De strekking van haar woorden: Willen we dat in onze maatschappij in de toekomst iedereen ‘mee kan dansen’, dan moeten we in het onderwijs beginnen. Dáár zijn de burgers van de toekomst.

Na de inspirerende ode van Margit, kon in verschillende groepen de discussie los gaan aan de hand van een aantal prikkelende stellingen. Centrale vraag daarbij: Hoe kijken wij eigenlijk aan tegen de inclusiviteit gedachte? En wat is er nodig om daar te komen? Overall wordt inclusief onderwijs zeker gezien als belangrijke motor om te komen tot een meer inclusieve maatschappij, maar dit vraagt tegelijkertijd inzet op inclusiviteit over de hele breedte van die maatschappij. Het gaat immers om maatschappelijke acceptatie en dat kan het onderwijs niet alleen. Inclusie is normaal en zou geen keuze moeten zijn.  

Dit alles vraagt nog veel, als het gaat om de dagelijkse onderwijspraktijk. Een greep: Het vraagt meer handen, meer expertise en meer elementen in de opleidingen die leerkrachten een basis bieden voor een inclusieve aanpak. Met name bij gedragsvragen lukt het niet altijd binnen de groep. Aanpassing van en meer ruimte in gebouwen is nodig. Voor sommige kinderen is een school in de buurt gewoon geen reële mogelijkheid in de huidige situatie. De aanwezigen waren het hier over eens: Er moet goed gekeken worden naar wat in de praktijk haalbaar is, welke stappen al wél kunnen worden gezet en wat daar de voorwaarden voor zijn.

De wil is er, maar de weg is nog zoeken. Tegelijkertijd is het goed om te zien hoeveel we kinderen al kunnen bieden binnen onze reguliere scholen. Dat blijkt ook uit de vele voorbeelden in het boekje Sleutelmomenten, uitgebracht in het voorjaar van 2020.
In deze rare tijden kunnen we dus ook trots zijn op wat we al met elkaar bereikt hebben!