Alle weblogberichten

Warme overdracht naar het voorgezet onderwijs II

19 maart 2014

Het jaar is halverwege

In mijn vorige blog vertelde ik over ons project Warme overdracht PO-VO. In dit project ontwikkelden vertegenwoordigers uit het primair en voortgezet onderwijs en het samenwerkingsverband het formulier Warme overdracht.

Dit formulier geeft leerlingen een belangrijke rol in hun eigen overdracht van primair naar voortgezet onderwijs. De afgelopen maanden was een aantal leden van de werkgroep druk bezig met het inventariseren van de reacties van de scholen voor voortgezet onderwijs op het overdrachtsformulier. De werkgroepleden keken daarbij naar vragen als ‘is het formulier bij de mentor terechtgekomen?’ en ‘ziet de school mogelijkheden om dit formulier te gebruiken?’. Het was soms nog een hele klus om binnen de schoolorganisaties de juiste persoon te pakken te krijgen.

Diverse reacties

De reacties op het formulier Warme overdracht zijn zeer divers. Een aantal scholen is heel enthousiast en ziet de meerwaarde van het overdrachtsdocument. Een andere groep geeft aan dat zij hun leerlingen aan het begin van hun schoolcarrière al een eigen vragenformulier voorleggen. En op weer andere scholen blijken de formulieren door wisselingen op het personele vlak of interne verhuizingen ergens onder op de poststapel te zijn beland.

Presentatie voor zorgcoördinatoren

Deze week gaf ik samen met een collega een presentatie voor een groep zorgcoördinatoren van het voortgezet onderwijs. Een grote groep betrokken mensen die soms verrast was dat het document Warme overdracht binnen hun eigen organisatie al een (bescheiden) rol speelt en er meer over wilden weten. Ik vind het leuk om vanuit mijn eigen enthousiasme en gedrevenheid te vertellen over deze concrete uiting van passend onderwijs; ieder kind op een passende plek, ook binnen het voortgezet onderwijs.

En nu?

De leerkrachten in de bovenbouw van de basisscholen zullen ook dit jaar weer met hun leerlingen aan het overdrachtsformulier werken. Basisscholen die staan te trappelen om bij het project aan te sluiten, betrekken we er ook bij. En met de deelnemers uit het voortgezet onderwijs bekijken we hoe we het overdrachtsdocument ook daar een goede plek kunnen geven. Daarnaast wordt een deel van de leerlingen dat het formulier in de pilot invulde en inmiddels in het voortgezet onderwijs zit, gevraagd om het formulier nog eens in te vullen en toe te sturen naar hun oude basisschool. Zo krijgen we een nog beter beeld van de onderwijsbehoeften van leerlingen en zien we of deze op de basisschool hetzelfde zijn als in het voortgezet onderwijs.

Maria Zaal